Biografie

Tom Simpson, geboren op 30 november 1937 te Haswell (County Durham), als jongste van 6 kinderen, en zoon van een mijnwerker. Tom heeft 4 zussen en nog een broer, Harry. Tom Simpson overlijdt op de flanken van de Mont-Ventoux op 13 juli 1967.

Het grootste deel van zijn jeugd brengt Tom door in zijn geboortestreek. In 1953 zet Tom, op 16-jarige leeftijd, zijn eerste stappen in de wielersport. Hiernaast volgt hij een opleiding tot technisch tekenaar. Een jaar na zijn debuut wordt Tom al jeugdkampioen van zijn land.

In 1956 wordt Tom, op pas 19-jarige leeftijd, naar de Olympisch Spelen in Melbourne afgevaardigd en behaalt daar op de piste op het onderdeel ploegachtervolging een derde plaats. Omdat er in eigen land geen toekomst is weggelegd als profrenner steekt Tom in 1959 de plas over en vestigt zich in Saint-Brieuc in Frankrijk. Een eerste succes als prof boekt Tom tijdens de wereldkampioenschappen 1959 op de weg in Zandvoort, waar Tom vierde wordt.

In Saint-Brieuc leert Tom zijn toekomstige vrouw Helen kennen. Helen studeert er vreemde talen en werkt er als gouvernante. In een krant leest zij een interview met een Engelse jongen, een wielrenner. Tom logeert er bij een slager en raakt in contact met Helen. Nadien verhuizen de Simpsons naar de Pantserschipstraat te Gent en daarna naar de Hoge Kouterstraat te Mariakerke. In mei 1967 betrekt Tom een riante villa aan de Vijverstraat te Mariakerke. Ten tijde van het drama op de Mont-Ventoux stond de villa leeg. Vrouw Helen en de kinderen Jane en Joanne vertoefden op dat moment te Pianotoli op Corsica, waar de Simpsons een vakantiechalet lieten bouwen.

Zijn overwinningen in meerdere grote wegwedstrijden bezorgden Tom een grote naam en faam in Engelse wielerkringen en ook op het vasteland, waar hij niets dan vrienden onder de renners telde. Zijn naam was de voorbije jaren synoniem geworden voor wilskracht, doorzettingsvermogen en gevoel voor humor. In 1961 wint Tom zijn eerste grote wedstrijd, de Ronde van Vlaanderen. Nadien zegeviert Tom in meerdere grote koersen. De kroon op zijn werk zet Tom te San Sebastian in 1965, waar hij wereldkampioen op de weg wordt, na een zinderende finale met Rudi Altig. Hetzelfde jaar wordt Tom in Engeland uitgeroepen tot “sportman van het jaar”.

Als wereldkampioen slaat het noodlot toe, wanneer Tom tijdens zijn ski vakantie te Saint Gervais zwaar ten val komt en zijn been breekt. Het voorseizoen betekent dus revalideren. Tom start als wereldkampioen in de Tour van 1966, wanneer het noodlot opnieuw toeslaat. In de Alpenrit over de Galibier slaat Tom tweemaal tegen het asfalt. Tom loopt een diepe wond op aan zijn rechterarm en is niet meer bij machte het stuur vast te houden. Tom is niet in staat verder te rijden en stapt tijdens de rit na de valpartij in de ambulance.

Over de helse tocht over de Mont-Ventoux tijdens de dertiende etappe van de Tour de France in 1967 zijn de wildste verhalen geschreven. Vooral het verhaal dat Tom voor de beklimming in Bedoin nog een café bezocht zou hebben om een of meerdere cognacjes tot zich te nemen wordt vaak genoemd. In werkelijkheid reed Tom met de eersten mee naar boven en moest pas enkele kilometers voor de top lossen. Al zwalkend over de weg wordt Tom door de een na de ander ingelopen, totdat Tom totaal ineenstort en van zijn fiets tuimelt, hij wordt nog terug op zijn fiets geholpen maar enkele meters verder komt er definitief een einde aan de helletocht van Tom. Hulp is direct aanwezig maar Tom overlijdt om 17.40 uur in het ziekenhuis te Avignon, waar Tom met de helikopter naar wordt afgevoerd. Als eerbetoon aan Tom mag Barry Hoban, ploeggenoot van Tom, de volgende dag de touretappe naar Sète winnen. Tom wordt in Harworth begraven. Een klein museum ter ere van Tom maakt inmiddels deel uit van Harworth.

In de winter van 1968 wordt op de plaats waar Tom gesneuveld is een gedenkteken ter ere van Tom onthuld. Barry Hoban en Helen Simpson zijn bij de onthulling aanwezig. Een jaar later trouwt Helen met Barry Hoban. Uit het huwelijk met Barry wordt dochter Daniella geboren. Op 12 augustus 2001 wordt een replica van het Ventoux-monument onthuld in Harworth.

De vraag rijst of Tom gered had kunnen worden, wanneer direct deskundige hulp aanwezig geweest zou zijn. Apparatuur om de hartfunctie te stimuleren ontbrak. Met mond op mond beademing wordt geprobeerd de ademhaling weer op gang te brengen. De positie van het hoofd was bergop gericht, de positie met het hoofd naar beneden had Tom wellicht meer kans op overleven geboden.

Iedereen die Tom “kent” , weet dat Tom een vechter pur sang was. Hij dichtte zich kansen toe eens de Tour te kunnen winnen. En die wil om te slagen in combinatie met de brandende zon en de totale uitputting werd Tom fataal. Dezer dagen wordt de naam van Tom Simpson direct in verband gebracht met doping omdat er sporen van amfetamines bij hem gevonden waren. Daarnaast wordt er de nodige onzin over hem geschreven, niet in de laatste plaats door zogenaamde deskundige wielersportjournalisten, maar er wordt amper gesproken over zijn staat van dienst als wielrenner en het totale gebrek aan medische begeleiding in die dagen.